In hartje Brussel ontmoeten we Cedric Igodt, Marketing & Sales assistant bij nWave . Enkel de posters van S.O.S. Planet verraden de activiteit van nWave aan de straatkant, maar eens we de deur binnenstappen is de creatieve sfeer bijna tastbaar aanwezig. In de zitruimte ontdekken we al snel gipsen modellen die we herkennen uit Pandadroom in de Efteling.
Cédric onderhoudt het contact met de vele Europese pretparken die een film huren die gemaakt of verdeeld werd door nWave. De oorsprong van het bedrijf ligt echter bij ride-films. Ben je ooit al eens in zo’n kleine witte simulator gekropen, om er naar een wilde film te kijken die ondersteund werd door passende bewegingen van de simulator? De kans is groot dat je toen naar een nWave film hebt zitten kijken., of eentje die door nWave verdeeld werd. Een kwart van de simulator-films wereldwijd zijn immers gemaakt of verdeeld door nWave. Ride-films zijn typisch zo’n 4 minuten lang en hebben onderwerpen als ‘mijn-ritje’ of ‘ruimte-rit’ omdat deze zich goed lenen tot de ervaring van zo’n simulator-rit. Vroeger werden deze films steevast in 2D vertoond, maar de nieuwe ride-films worden tegenwoordig steeds in 3D gemaakt.
Later ging nWave zich ook richten op het maken van langere 3D films van een 40-tal minuten. Aangezien deze films moeten vertoond worden in 3D- en IMAX-zalen worden ze vooral in Amerika gedraaid. In Europa vind je minder cinema-complexen (44 verspreid over Europa) met een geschikte zaal, maar de ingekorte versies van de films vinden hier hun weg naar de attractieparken.
Zo is PandaDroom in de Efteling (en Pandavision in Europa Park en Liseberg) eigenlijk een ingekorte versie van de film S.O.S. Planet.
“Edutainment is erg groot en populair in Amerika. Films als S.O.S Planet vinden dan ook hun weg naar musea. In Europa is Edutainment nog niet echt ‘geaccepteerd’, en moet dat echt nog groeien”, vertelt Cédric ons. De markt voor nWave ligt dus vooral in Amerika, terwijl ze in Europa vooral attractieparken bedienen.
Het is niet zo dat nWave een film ontwikkelt in opdracht van een bepaald park. De kosten om één minuut 3D-film te maken kunnen oplopen tot 250.000 euro, daarom moet een brede afzetmarkt bediend kunnen worden om de investering eruit te halen. Er wordt wel geluisterd naar wat parken vragen, maar nWave ontwikkelt z’n eigen films en biedt zijn catalogus aan.
De film S.O.S. Planet was hier een uitzondering op, deze film is tot stand gekomen in samenwerking met het WWF en de Efteling.
nWave levert trouwens enkel de 3D film. De 4D-effecten zoals wind-, water-, en bewegingseffecten, worden door gespecialiseerde bedrijven geplaatst. Er wordt wel gezorgd dat er in de attractiefilms voldoende mogelijkheden zitten voor het gebruik van die effecten.
De films die door nWave gemaakt worden zijn voornamelijk digitale animatiefilms. Deze hebben als voordeel dat je alle aspecten van de film beheerst. De techniek voor het filmen van een ‘live action’ film geschikt voor 3D projectie staat op dit moment nog niet ver genoeg om er vlot films mee te maken. Toch heeft nWave ook een film die in de Afrika werd opgenomen in z’n catalogus: Wild Safari. Een film die je in drie dimensies laat kennis maken met de dieren van Zuid-Afrika.
Een 3D film is ook een heel ander soort film dan een ‘gewone’ film. De montage is veel trager. De scènes hebben meer tijd nodig om het 3D effect tot z’n recht te laten komen. Mocht je een 3D film knippen zoals de ander moderne animatiefilms, met bijv. snelle actiescenes, zouden de mensen zeeziek worden. In een 3D-film zal je daarom veel ‘traveling-shots’ tegenkomen, waarbij de camera als het ware zweeft.
Voor elke film wordt gestart van een scenario, dat vaak door directeur Ben Stassen geschreven werd. Hij is een duizendpoot binnen het bedrijf: hij is producent, schrijver en regisseur. Uit het scenario vloeit een storyboard voort waarin men een idee krijgt van de verschillende scènes. Omwille van de syncrhonisatie wordt in films waar de personages spreken eerst de stemmen opgenomen alvorens de animators aan de slag gaan.
Elke animator neemt één specifiek deeltje van de film voor zijn rekening. Dat kan bijvoorbeeld enkel de texturen zijn. Slechts enkele animators hebben het overzicht van de film. Zij zitten aan het einde van de lijn en het is hun taak om alle verschillende stukjes van de puzzel tot één film samen te voegen. Voor elke film wordt ook een ‘bijbel’ geschreven waarin de karakteristieken en bewegingen van de personages uitgeschreven staat.
Gemiddeld wordt er per werkdag één seconde afgewerkte film afgeleverd
Een veel gehoorde kritiek van pretparkfans op 4D-cinema’s is dat je het na één of twee keer echt wel gezien hebt. “Dat vinden wij ook over achtbanen!”, reageert Cedric, “Wanneer je die eenmaal bereden hebt weet je toch ook wel wat er komt?” Maar nWave begrijpt ook wel dat parken beter niet jaar na jaar dezelfde films spelen in hun attractie. De minimumtermijn voor het huren van een film bij nWave is een jaar, op uitzondering van seizoensgebonden films voor Halloween of Kerst. Parken kunnen dus jaarlijks een nieuwe film programmeren. Heel wat parken (bvb Liseberg, Europapark, etc...) vertonen echter éénzelfde film reeds 4 jaar met blijvend succes, wat waarschijnlijk toch een aanwijzing is dat de fans van 3D/4D het niet zomaar bij één of tweemaal laten, maar de meesten integendeel heel dikwijls terugkomen.
Toevallig konden we net meemaken hoe zo’n film de nWave-studio verlaat op weg naar een klant. Afhankelijk van de lengte van de film en de grootte van het scherm worden de films op één of meerdere DVD’s of op één of meerdere harde schijven geleverd aan de klant.
Pellicule komt bij 3D-films zo goed als niet meer aan te pas. Meestal wordt er gewerkt met twee digitale projectoren. Het zijn de uitzonderingen die nog de traditionele spoelen film gebruiken, maar die peperdure film was al een investering op zich.
Het principe van stereoscopie, want dat is eigenlijk de techniek waar nWave gebruik van maakt om het dieptegevoel te creëren is al lang gekend. Vroeger maakte men gebruik van één projector waarmee een film werd geprojecteerd die zo bewerkt was dat je met een blauw-rode bril een diepte effect kreeg.
De films die we uit de attractieparken kennen werken met de gewone doorzichtige brilletjes. Voor elk oog komt een gepolariseerde filter te zitten. De ene filter laat enkel het horizontale licht door, de andere het verticale. Doordat de ene projector enkel horizontaal licht weergeeft, en de andere verticaal krijg je het stereoscopisch effect. Het nadeel van deze techniek is dat je enkel een perfect scherp beeld krijgt als je mooi recht naar het scherm kijkt, en ook je bril perfect recht op zit. De nieuwste projectoren sturen het licht spiraalgewijs. De ene lens filtert dan het links-draaiende licht, terwijl de andere het rechts-draaiende bekijkt. Deze techniek heeft altijd 2 projectoren nodig en een brilletje voor de toeschouwer. Er zijn inmiddels ook experimenten bezig met 3D-televisies, maar dat staat nog in de kinderschoenen.
Nadat we even overdonderd waren door de technische uitleg was het tijd om plaats te nemen in de nWave’s home cinema. Wanneer we in de klassieke cinemazitjes plaatsnemen, fantaseren we de pretpark-directeurs die hier hun mogelijke aankoop komen keuren erbij. De gordijnen sluiten en isoleren het theater, waar een dertigtal mensen kan plaatsnemen, van de rest van de studio. We krijgen eerst een “oude” ride-film van nWave te zien: “Astro Canyon Coaster”. Deze typische simulatorfilm toont een soort achtbaan in de ruimte, met scherpe bochten, plotse dalen en stijgingen. Het 3D effect is verbluffend, en ook al staat de kamer stil, je beweegt automatisch mee omdat je zo in de film gezogen wordt. Een ervaring die helemaal tot z’n recht zal komen wanneer je in simulator plaatsneemt.
Cedric wuift onze vraag naar een ride die échte achtbanen simuleert af: “Als je het gevoel wil hebben om in een achtbaan te zitten, dan moet je er ook maar écht in gaan zitten. We kiezen voor thema’s die zich perfect lenen voor simulatoren: de ruimte, een mijn, onderwater, …”
Een tweede film die we te zien krijgen is “Haunted House”. Een griezelige 3D film, waarin massa’s mogelijkheden zitten voor de zogenaamde “4D” effecten. Windeffecten, druppelend water, nevel, trileffecten, … al kijkend naar de film kunnen we er de effecten perfect bij voorstellen. Het is een typische attractiefilm waar het verhaal ondergeschikt is aan de 3D film en de 4D effecten , zodat alle zintuigen van de bezoeker geprikkeld worden.
Top of the bill is de ‘Avant avant-premiere’ van ‘Fly me to the moon’. We zijn behoorlijk benieuwd naar de resultaten nadat we zo veel hoorden over de productie van deze film. Geen woord bleek gelogen, wat we te zien kregen is prachtig. Nu we een stukje van zo’n “feature film” zien, waarin nWave 80 minuten tijd krijgt om z’n verhaal te vertellen zien we pas écht waartoe dit bedrijf in staat is. Het is verbazend dat een film die nog geavanceerder is dan de bekende Pixar-films zo dicht bij huis ontwikkeld wordt. Je ziet werkelijk elk individueel draadje ven het jeans-jasje van één van de figuurtjes. Nu wordt ook duidelijk waarom de montage trager moet bij zo’n 3D film. Het effect is verbluffend, maar je ogen moeten bij elke knip wel even aanpassen. De scènes hebben telkens een enorme diepte, waardoor je al snel vergeet dat er de zaal enkele meters verder eindigt. De figuren zelf bewegen zich ongestoord vóór het doek. Net daarom werd gekozen voor vliegen als hoofdpersonages omdat zij juist die vrijheid van bewegen hebben.
Het verhaal vertelt het spannende avontuur van drie tiener-vliegjes die koste wat het kost mee de ruimte in willen met Apollo 11. Het is een feel-good movie die het eenheidsgevoel wil terugbrengen van toen de eerste mens voet op de maan zette. Een aantal beroemde acteurs leenden hun stem aan de personages van de film. Zo herkennen we Christopher Lloyd (Doc uit Back to the future) die de rol van Grandpa voor zijn rekening neemt. En die begintune, Frank Sinatra’s “Fly me to the moon” blijft gegarandeerd nog een hele dag plakken.
Onze 3D brilletjes leveren we in, want we krijgen nog een korte rondleiding op de werkvloer van nWave: ‘Where the magic happens”. We passeren “de ijskast”: een volledig geïsoleerde en gekoelde ruimte waar de servers van nWave het werk van de animators 24 uur per dag ‘renderen’ tot het uiteindelijke resultaat. Maar dit zijn vast niet de enige computers die degelijk gekoeld moeten worden, want overal horen we het zoemen van ventilatoren in de werkstations van de animators. Zij leveren, elk aan hun eilandje, hun bijdrage aan de film. Aan de bureaus hangen foto’s van de karakters en aan de wand hangt het storyboard van de film. Helemaal vooraan zit een groepje mensen samen, om al het individuele werk van de animators samen te voegen tot één stukje afgewerkte film.
Tussen de bureaus hangt creativiteit in de lucht, de medewerkers overleggen met elkaar, kijken mee met elkaars werk, … Het team bestaat uit de besten van over de hele wereld. Veel werknemers zijn Fransen die rechtstreeks van de school in Angoulème komen, maar ook Engelsen en Amerikanen die ooit nog bij Pixar werkten.
In België is er tot op de dag van vandaag geen mogelijkheid om een scholing tot 3D animator te volgen. Door het gebrek aan interesse van de Belgische cinema-complexen zou dat nog een tijdje zo kunnen blijven. Spijtig dat zo goed als niemand in België zal kunnen bekijken welk meesterwerk het meesterwerk van de Belgische wereldleider op het vlak van 3D-films afgeleverd heeft. Jammer, want het stukje dat we zagen uit “Fly me to the moon” smaakte zeker naar meer. Helaas zijn we voorlopig tot de ingekorte versies aangewezen in de pretparken, aangezien geen enkele Belgische cinema de mogelijkheid heeft om deze films te vertonen. En misschien kan dat dit seizoen nog in Bellewaerde, want zij kondigden aan het einde van vorig seizoen reeds aan dat ze de film zouden programmeren.
Rest ons onze gastheer hartelijk te danken voor de tijd die hij voor ons reserveerde.
Tekst en interview: Bram Faems, Joris Steppe
Foto’s: Bram Faems
Bron illustraties: nWave
Voor meer informatie: www.nwave.com
Praat mee over dit artikel op het forum |